Contrastmiddelen en medicatie

Contrastmiddelen

Door een contrastmiddel kunnen weefsels in het lichaam zichtbaar worden gemaakt die anders op de foto niet zichtbaar zouden zijn.
Deze contrastmiddelen kunnen op verschillende manieren worden toegediend voor verschillende onderzoeken.
Hieronder een overzicht, (met een link naar de bijsluiters) van de contrastmiddelen bij de onderzoeken die in het Albert Schweitzer Ziekenhuis worden gebruikt op de afdeling radiologie.

Angiografie:

Omnipaque : Wordt gebruikt voor het afbeelden van de bloedvaten. Wordt in de bloedbaan ingespoten.

CT-scan:

  • Omnipaque: Wordt gebruikt voor het afbeelden van de organen en/of bloedvaten. Wordt via een infuus in de arm in de bloedbaan gespoten.
  • Iomeron: Wordt gebruikt voor het afbeelden van de hartvaten (coronairen). Wordt via een infuus in de arm in de bloedbaan gespoten.
  • Telebrix-gastro: Wordt gebruikt voor het afbeelden van het maag-darmkanaal. Wordt voorafgaand aan het onderzoek gedronken.

Röntgenonderzoeken van maag en darmen:

  • Bariumsulfaat (E-Z-CAT): Wordt gebruikt voor het afbeelden van maag-darmkanaal. Wordt tijdens het onderzoek gedronken. Dit kan ook gebruikt worden om de dikke darm af te beelden. Dan wordt dit contrast via een canule toegediend.
  • Lipiodol: Wordt gebruikt voor het afbeelden van de baarmoeder, eileiders en/of eierstokken.
  • Omnipaque: Wordt gebruikt voor het afbeelden van organen. Wordt via een drain toegediend.
  • Telbrix-gastro: Wordt gebruikt voor het afbeelden van maag-darmkanaal. Wordt tijdens het onderzoek gedronken.

MRI:

  • Dotarem: Wordt gebruikt voor het afbeelden van organen en/of bloedvaten. Wordt via een infuus in de arm in de bloedbaan gespoten.
  • Artirem: Wordt gebruikt voor het afbeelden van gewrichten. Wordt via een naald in het gewricht geïnjecteerd.
  • Mannitol: Wordt gebruikt voor het afbelden van de dunne darm. Wordt voorafgaand aan het onderzoek gedronken.
  • Primovist: Wordt gebruikt bij een MRI-scan van de lever. Wordt via een infuus in de arm in de bloedbaan gespoten.
  • Gadovist: Wordt gebruikt bij de Dense-studie (MRI van de borsten). Wordt via een infuus in de arm in de bloedbaan gespoten.


Medicatie:

  • Buscopan: bij CT/MRI van de darmen. Dit zorgt voor een tijdelijke vermindering van de darmbeweging. Wordt via een infuus in de arm in de bloedbaan gespoten.
  • Nitroglicerine : Dit is een spray onder de tong. Wordt gebruikt bij CT-scan van het hart. Zorgt voor tijdelijke bloedvat verwijding.
  • Lidocaine: Voor de verdoving van de huid. Wordt gebruikt bij puncties, biopten en drainages.


Om de bijsluiters op te vragen gaat u naar de website van het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG)

Op deze website kunt u via het zoekvenster rechtsbovenaan het genees- of contractmiddel invullen om de bijsluiter op te vragen. 

 
Pre- en posthydreren bij röntgenonderzoek

Bij sommige röntgenonderzoeken wordt contrastvloeistof gebruikt. Bij mensen met een verminderde nierfunctie moeten de nier soms beschermd worden tegen het contrastmiddel. Dit wordt gedaan door de nieren te spoelen met vloeistof. Dit spoelen wordt ook wel pre- en posthydreren genoemd. Prehydreren is spoelen voor en posthydreren is spoelen na uw onderzoek of behandeling. Hiervoor wordt u in het ziekenhuis opgenomen.
Het pre- en posthydreren is niet bij iedereen met een verminderde nierfunctie nodig. In een landelijke richtlijn staat wanneer dit nodig is. De landelijke richtlijn kunt u hier lezen

Contact

Tel: (078) 654 71 90