Naar huis

De arts of verpleegkundige bespreekt met u wanneer u weer naar huis kunt. Tijdens dit ontslag gesprek worden verschillende zaken besproken, zoals:

  • het gebruik van medicijnen;
  • uw voeding;
  • een eventueel vervolg van uw behandeling.

U krijgt een afsprakenkaart mee voor uw eerstvolgende bezoek bij de arts op de polikliniek.

Tijdens het ontslaggesprek kunt u ook uw vragen stellen. De arts of verpleegkundige hoort ook graag of u opmerkingen heeft over uw verblijf in het ziekenhuis. Uw huisarts krijgt een brief waarin staat hoe uw opname is verlopen en of u nog verder wordt behandeld.

Uw medicijnen direct mee naar huis
Als u na uw opname medicijnen nodig heeft, kunt u deze direct ophalen bij de apotheek  beneden in de centrale hal. De medewerkers van de ziekenhuisapotheek controleren in de computer bij uw eigen apotheek welke medicijnen u gebruikt. Hierbij houden zij rekening met de medicijnen die u thuis gebruikt en de medicijnen die u in het ziekenhuis heeft gekregen. Ook krijgt u een advies, hoe u de medicijnen moet gebruiken. Uw apotheek en/of huisarts krijgen bericht, welke medicijnen u bij de apotheek in het ziekenhuis gehaald heeft. 

Vervoer naar huis
De verpleegkundige spreekt met u het tijdstip van vertrek af en regelt zo nodig vervoer per (rolstoel)taxi. Een rolstoeltaxi moet contant worden afgerekend bij de chauffeur, voor aanvang van de rit. De kosten moet u meestal zelf betalen. Als u wilt weten of u een vergoeding krijgt voor het vervoer naar huis, kunt u bellen met uw ziektekostenverzekeraar.

Zorg thuis
Soms heeft u na uw ontslag uit het ziekenhuis nog zorg nodig. Dat kan ingewikkelde medische zorg zijn. In het Albert Schweitzer ziekenhuis is er een speciale afdeling die deze zorg voor u regelt: het transferbureau. De verpleegkundige schakelt dit transferbureau in als dat nodig is.

Wilt u meer weten over dit onderwerp? Lees dan de folder ‘Ontslag uit het ziekenhuis en zorg nodig?’