Column: Bij wie moet u zijn?

Hoe prettig is de gang van de patiënt door ons ziekenhuis? Deze vraag zet ik dagelijks centraal in mijn werk. Binnen de Raad van Bestuur van het Albert Schweitzer ziekenhuis richt ik mij namelijk vooral op de zorginhoudelijke kant van onze dienstverlening. Dat doe ik in nauwe samenwerking met de medisch specialisten. En natuurlijk, daarbij werken we bij voorkeur met trefwoorden als 'optimale zorg', 'klantvriendelijk' en 'betrouwbaar'. Maar daar moet u sowieso op kunnen vertrouwen. Bovendien zijn er zoveel zorgverleners die u dat melden. Waarmee onderscheidt het Albert Schweitzer ziekenhuis zich dan?

Daar ben ik sinds mijn aantreden hier, in november vorig jaar, ruimschoots achtergekomen. De kracht van ons ziekenhuis zit 'm vooral in de persoonlijke aanpak, voortvloeiend uit ons vermogen om ons in patiënten én verwijzers te kunnen inleven. Een treffend voorbeeld daarvan is de nieuwe entreehal op locatie Dordwijk. Bent u er al een keer geweest? Dan herkent u ongetwijfeld wat ik bedoel. De uitstraling is er enerzijds medisch professioneel, anderzijds nodigt de gemoedelijke ambiance uit tot 'even rustig bijkomen met een kopje koffie'. De medewerkers staan iedereen vriendelijk te woord en bieden waar nodig de helpende hand. De met oprechte interesse gestelde vraag 'Bij wie moet u zijn?' maakt mensen duidelijk dat zij hier terecht kunnen voor méér dan alleen de inhoudelijke kant van de medische zorg.


Zó willen wij graag met al onze relaties omgaan. De patiënt moet te allen tijde veilig en betrouwbaar behandeld worden en daarna weer goed bij de huisarts in de praktijk terugkeren. Daarbij moeten de lijnen kort zijn en de toegankelijkheid groot, voor patiënten èn verwijzers. Ook ú moet immers weten bij wie u moet zijn en daar vervolgens snel met uw vraag terecht kunnen (een handig hulpmiddel daartoe is de 'wie-wat-waar' gids die onlangs aan u verstuurd is). Toegankelijkheid en korte lijnen zijn een belangrijk speerpunt in ons beleid, dat ik zo goed mogelijk geregeld wil hebben. Zodat er uiteindelijk maar één antwoord op de vraag mogelijk is: u moet bij het Albert Schweitzer ziekenhuis zijn.


John Taks, Raad van Bestuur Albert Schweitzer ziekenhuis