Bij een lokalisatie brengt de radioloog een metalen draadje in uw borst om de plaats van de afwijking te markeren. Dit gebeurt als u een borstbesparende operatie krijgt en de afwijking door de arts niet voelbaar is. Met behulp van dit draadje kan de chirurg de plaats vinden waar hij moet operen.
Een lokalisatie kan op 2 manieren worden gedaan:
Lokalisatie met een echo
Als de afwijking in uw borst op de echo te zien is, gebeurt de lokalisatie met behulp van een echo. Met het echoapparaat bepaalt de radioloog de plaats van de afwijking. Op deze plek brengt de radioloog een holle naald in met een dun metalen draadje. Hierna haalt de radioloog de naald voorzichtig weg. Het metalen draadje blijft in uw borst achter. Een gedeelte van de draad blijft uitsteken. Dit wordt goed vastgeplakt op uw huid. Als extra controle worden nog röntgenfoto’s gemaakt. Het onderzoek duurt ongeveer een uur. Na de lokalisatie gaat u terug naar de verpleegafdeling, in afwachting van de operatie.
Lokalisatie met röntgen
Na het maken van röntgenfoto’s is de precieze plaats van de afwijking goed te vinden. Met hulp van speciale computerapparatuur, brengt de radioloog een holle naald in uw borst. In deze naald zit een dun metalen draadje. Hierna trekt de radioloog de naald voorzichtig terug. Het draadje blijft achter in uw borst. Een klein stukje van het draadje blijft uitsteken. De draad wordt goed vastgeplakt op uw huid. Als extra controle worden er nog röntgenfoto’s gemaakt in de mammografiekamer.
Het onderzoek duurt ongeveer een uur.
Na de lokalisatie gaat u terug naar de verpleegafdeling, in afwachting van de operatie.
Telefoonnummers:
(078) 654 71 90 en (078) 654 71 99
Mammacareverpleegkundigen (alleen voor niet-medische vragen):
mammacare@asz.nl
Algemeen mailadres:
info@asz.nl
Volg ons op: